Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn

Onlangs was ik op vakantie. Op een markt in Frankrijk zag ik een houten beeldje van twee figuren die hun kindje omarmen. Met mijn jongste zoon stond ik voor het kraampje. Ik kocht het. Voor hem. Voor mezelf. Omdat het me deed denken aan zijn geboorte.

Dat warme gevoel van twee ouders die hun kind verwelkomen en beschermen.

Toen ik weer thuis was zag ik op internet een zanger die een liedje had geschreven op het ritme van de hartslag van een ongeboren kind. Ik moest meteen denken aan de echo’s die ik had gehad bij mijn jongste. De vele keren dat ik zijn hartslag heb gehoord voor hij was geboren. Ik was meteen terug in de tijd. Dat bijzondere gevoel toen ik hem nog in m’n buik had, ik kreeg het weer helemaal terug alsof het gisteren was. We waren al zo lang samen voordat we elkaar hadden gezien.

Mijn jongste is geboren bij een zwangerschap van 40 weken.

Mijn oudste kwam 10 weken eerder.

Bij hem krijg ik nooit deze gevoelens. Ik weet niet meer hoe het was toen hij in m’n buik zat. Zo kort heb ik hem maar gevoeld.

In de buik hadden we nog amper contact. We hadden geen tijd om elkaar te leren kennen.

Ik was bovendien druk met andere problemen die ik destijds had op mijn werk en waar ik eigenlijk niet zwanger kon zijn. Toen ik eindelijk gewend was aan het feit dat er een kindje in me groeide kwam hij al en werd hij van me weggehaald. Soms lijkt het of ik hem van iemand anders heb gekregen. Wat zou ik graag willen dat ik ook dat soort herinneringen en gevoelens van hem had. Nu is het alsof we samen geen verleden hebben.

Gelukkig hebben we wel een toekomst. Maar potverdorie wat zou ik graag een nieuw verleden voor ons maken.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn