Bloedtransfusie

Soms is het nodig dat een kind een bloedtransfusie ondergaat. Het gaat hier niet om een volledige transfusie, waarbij het bloed vervangen wordt door nieuw bloed (wisseltransfusie). Het gaat hierbij om het toedienen van extra bloed(cellen), omdat het kindje last heeft van bloedarmoede.

Een te vroeg geboren baby heeft vaak intensieve behandelingen nodig. Daarbij zijn vaak bloedonderzoeken nodig, waarvoor steeds bloed wordt geprikt. Prematuren kunnen zelf nog niet genoeg bloed aanmaken. Daardoor ontstaat bloedarmoede. Om het bloed aan te vullen krijgt het kindje via een infuus een geconcentreerde suspensie van rode bloedcellen (erytrocytenconcentraat) toegediend.

Soms ontstaat er ook een tekort aan trombocyten (bloedplaatjes). Dit kan het gevolg zijn van een infectie of zuurstoftekort. Een tekort aan trombocyten kan bloedingen veroorzaken. Omdat prematuren toch al een verhoogde kans op (hersen)bloedingen hebben, moet dit trombocytentekort aangevuld worden door middel van een transfusie.