Geel zien

Als een baby nog in de baarmoeder zit, heeft het meer rode bloedcellen nodig dan daar buiten. Zodra het kind geboren wordt, breekt het lichaam het teveel aan rode bloedcellen af. Tijdens dit proces ontstaat de stof ‘bilirubine’. In de lever wordt dit stofje omgezet tot een stof die het lichaam kan uitscheiden.

Als een baby te vroeg geboren wordt, is de lever vaak nog niet rijp genoeg en functioneert nog niet goed. Hierdoor kan het lichaam de afvalstoffen niet kwijtraken en hoopt de bilirubine zich op in de organen en de huid. Hierdoor gaat een kind ‘geel zien’. Het verhoogde bilirubinegehalte kan in het bloed worden aangetoond.

Behandeling

Om de bilirubine toch af te kunnen scheiden, wordt ‘geel zien’ behandeld door middel van fototherapie. De baby komt dan onder de lamp of op een matrasje te liggen dat ultraviolet licht op een bepaalde golflengte afgeeft. Dit uv-licht zorgt ervoor dat de bilirubine wordt omgezet in een stof die het lichaam wel uit kan scheiden, waardoor het via de ontlasting en de urine het lichaam verlaat.

Wanneer een kind onder de lamp ligt, krijgt het geen of bijna geen kleertjes aan, zodat ieder stukje van zijn huid zo veel mogelijk licht opvangt. Het krijgt wel een brilletje op, ter bescherming van de ogen. Behalve onder één of meer lampen wordt het kindje soms ook nog op een bili-blanket gelegd (of de bili blanket gaat onder de kleding van het kindje): een soort matras dat ultraviolet (blauw) licht uitzendt.