Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn

Een controle afspraak. Na bijna 6 jaar weten we inmiddels hoe dat gaat. We wegen. We meten. De dokter doet haar controles. We praten over onze zorgen en over de vooruitgang. Hier zijn we vertrouwd. Hier zijn we thuis.

We zijn erg vroeg vandaag. Ik drink koffie en we bestellen een kaasbroodje. Het is ons moment samen. Mijn zoon huppelt naar de lift als we naar de afdeling gaan. De afspraak verloopt niet anders dan anders. Tot het moment dat zijn arts zegt dat we over een half jaar niet meer terug hoeven te komen. En ook niet over een jaar. Of langer.

Ik weet even niet wat ik moet zeggen. Mijn zoon kijkt me verschrikt aan. Het ziekenhuis is voor mij net zo vertrouwd als voor hem. Zijn dokter vindt hij lief en door haar schrijft hij in alle vriendenboekjes dat hij later ook kinderen wil beter maken.

Angst of verdriet. We voelen het niet. Niet meer. Een controle afspraak is een stapje terug in de tijd. Maar wat ik voel als we hier komen is de goede zorg. Van de mensen hier. Die er waren voor hem. Voor ons. Zorg die we tot op dit moment hebben gehad ervaren we als betrokken en warm.

We nemen afscheid maar het voelt niet goed om zomaar de deur uit te lopen. Dus trek ik de stoute schoenen aan en nemen we de lift naar de neonatologie. Er is veel veranderd in 6 jaar tijd. Op de deuren zitten sloten die alleen met een code geopend kunnen worden. Die code hebben we natuurlijk niet dus moeten we toestemming vragen om binnen te komen en uitleggen wat we komen doen. Een onbekende verpleegster leidt ons vervolgens de gang door en zet ons voor het enige raampje in de gang dat uitkijkt op ook nog eens de verkeerde unit. Ik voel me een vreemde, daar waar ik zo bekend was. Gelukkig mogen we even later toch op de drempel staan van wél de juiste unit. Ik zie zijn plekje dat op dit moment leeg is. En dan zie ik ook een bekend gezicht. Bijna 6 jaar later mag ik mijn zoon opnieuw aan haar voorstellen. Die jongen waar zij voor zorgde als ik er niet kon zijn, die iets meer woog dan een pakje suiker, niet zelfstandig kon drinken en ademen, is een grote kleuter geworden met een dikke bos haar. Ik merk dat het voor ons alledrie een bijzonder moment is en ben blij dat we hier nog even heen zijn gegaan.

Even later sta ik met een dubbel gevoel buiten. In afscheid nemen ben ik nooit goed geweest. En hoe fijn het ook is om twee keer per jaar hier te zijn, het blijft een ziekenhuis. Het is toch gezonder om daar niet te komen. Ik merkte de laatste tijd ook aan mezelf dat ik genoeg kreeg van alle hulp. De fysio, de pedagoog, het hoefde van mij niet meer. Mijn kind was een gewoon kind geworden. Met dingen die hij goed en niet zo goed kan. Veel hulp heeft hij niet meer nodig. En de navelstreng van het ziekenhuis doorknippen hoort daar nu ook bij.

Het einde van het medisch traject is voor ons allemaal een afsluiting van een moeilijke maar ook bijzondere tijd in ons leven. We gaan vooruit kijken. Met een kind met een verleden. Maar belangrijker, met een toekomst.

Jackelien

Jackelien

Jackelien is moeder van twee jongens (30 en 40 weken), is fotograaf en grafisch ontwerper en eigenaar van Fotovorm. Ze schrijft al bijna vanaf het begin blogs voor Kleine Kanjers. Met dit laatste (waarschijnlijk voor velen weer erg herkenbare) blog dat ze voor ons geschreven heeft sluit ze deze periode af.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn