Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn

Ze hangen aan de muur, jouw foto’s van toen. Ik loop er elke dag langs. Soms vluchtig, soms sta ik even stil. Maar elk jaar, als je verjaardag dichterbij komt, kijk ik vaker. Langer. Intenser. Terwijl jij in de Lego gids zit te bladeren, druk met wat je allemaal zou willen hebben, ruik ik de geur van het ziekenhuis door de foto’s heen. De winter komt er aan. Het sneeuwde toen zo. Dagen. Weken. En jij. En wij. Wij waren in de warme armen van het ziekenhuis. Donker was wat jij nodig had. Een cocon. Ik kroop erbij. En alles. Alles. Ging onder mijn huid zitten. Ik kwam nergens meer. En toch, heb ik nooit zo intens geleefd als toen. Niks van wat ik ooit meemaakte kan ik zo terug roepen als dit. Zo voelen. Zo ruiken. Zo naar verlangen. Want dat is het ook. Ik kan er soms naar terug verlangen. Dat gevoel van toen. Mijn eerste kindje. Intensive care. High care. Mijn leven op zijn kop. Intens verdriet maar ook intens geluk. Zorgen om jou. Zorgen voor jou. Samen met de verpleegsters. Samen met papa. Die veel te grote luiers met die ieniemienie beentjes. Een wirwar van slangetjes. En dan proberen met je armen door twee gaten die luier te verschonen. Zo onzeker nog. En dan soms ineens die hand om je pink. Niet dat wij ons daar iets bij moest voorstellen. Je pakte alles wat je vast kon houden. Bij gebrek aan de navelstreng. Eten in het ziekenhuis. Ik papa bijpraten en dan samen koffie en thee bij jou. Not a care in the world. Behalve voor jou dan. Lieve verpleegsters. Verpleegsters die ons trots maakten. Had jij ’s nachts ineens bij de zusters zitten kletsen. Gezellig dat je dat vond! Ik kan me dat helemaal voorstellen. Je bent nu nog heel sociaal. Naar huis via de spoed, want de hoofdingang was al lang dicht. Parkeerabonnement in de automaat en naar huis door de sneeuw. Slapen. Morgen snel weer terug. Sinterklaas en twee Pieten voor jou alleen. En jij maar doorslapen. Kerstboompjes op de balie, de kerststal in de hal. Ik hing kleine balletjes aan je bed en dronk warme chocomel dat de verpleegster van huis had meegenomen. Je kon nog niks. Maar gaf me alles. Ik werd jouw moeder. Veel te snel. Maar nu jij jij bent. Nu jij bijna 5 bent. Nu zie ik jou in de foto’s en de foto’s in jou. Ik heb gevloekt en gehuild. Ik heb pijn gehad. Maar die tijd heb ik in mijn hart gesloten. Straks vieren we het leven. Jouw leven. Want hoe leven is. Dat heb ik geleerd. In die twee maanden dat jij er nog niet mocht zijn maar wel al was. Hoe het toen was zit heel goed bewaard. Soms denk ik er niet aan. Soms even. Maar in deze tijd. Zal het altijd als gisteren zijn. Hoeveel jaren er ook voorbij zullen gaan.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn