Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn

Dit onderzoek is gedaan om te onderzoeken of prematuren geboren onder 33 zwangerschapsweken monitorbewaking nodig hebben na 1e vaccinatie op de leeftijd van 2 maanden i.v.m. het risico op braycardies en saturatiedippen.

Ruim 1 jaar lang kregen alle kinderen, die geboren waren na een zwangerschapsduur van 33 weken of korter die op de afdeling Kindergeneeskunde van het Medisch Centrum Alkmaar, hun 1e vaccinatie in het ziekenhuis. Zij werden hierna door een monitor bewaakt. Kinderen die al ontslagen waren op de leeftijd van 2 maanden werden weer opgenomen om hen te volgen.

41 kinderen werden onderzocht en bewaakt. Gemiddeld hadden zij een zwangerschapsduur van 30,8 weken.

Bij 10 kinderen hiervan trad een geringe saturatiedaling van het zuurstof of een bradycardie op. Deze verstoringen traden alleen op bij kinderen die jonger en/of lichter waren bij de geboorte en bij de kinderen die vlak na de geboorte ernstige ziekten hadden doorgemaakt.

Bij 3 kinderen ontstond een matige saturatiedaling of bradycardie op waarbij ze er niet zelfstandig weer uit kwamen, ze hadden tactiele stimulatie (zoals bijv. het wrijven onder de voetzool) nodig om hier weer uit te komen.
Deze verstoringen traden alleen op bij kinderen die het ziekenhuis nog niet hadden verlaten.

Conclusie:
Bij kinderen die nog in het ziekenhuis liggen wordt aangeraden om de 1e vaccinatie onder monitorbewaking te doen. Binnen 0-24 uur na de vaccinatie kunnen saturatiedalingen of bradycardies optreden.
Bij kinderen die al thuis zijn, die vaak minder prematuur of dysmatuur zijn, lijkt het erop dat de vaccinatie veilig gedaan kan worden zonder monitorbewaking.
Er is verder onderzoek nodig om dit beleid aan te scherpen.

bronnen: Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:A3797 en NTVG

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedIn